Maurice BergerMijn klassieke balletlessen zijn in principe gebaseerd op de Russische Vaganova methode. Deze academische ballettechniek traint het lichaam als totaliteit, waardoor een goed bewustzijn ontstaat van een correcte lichaamshouding, de coördinatie van de motoriek en een adequate ademhaling. Ik vind het uitermate belangrijk om zowel de technische als dansante/artistieke elementen met elkaar te verweven om zodoende individuele creatieve en artistieke processen in gang te zetten!

 


In mijn balletlessen richt ik mij behalve tot een goede structuur van het klassikale onderwijs, in het bijzonder tot ieders individuele ontwikkelingsmogelijkheden . Zoals hierboven aangegeven, vind ik het essentieel een synthese tot stand te brengen tussen alle technische aspecten (zoals lichaamshouding, ballettechniek, coördinatie, krachtopbouw, ademhaling) en alle dansante/artistieke aspecten (zoals ruimtegevoel, muzikaliteit, dynamiek in beweging, presentatie). Ieder mens is in ieder opzicht uniek, dus ook in fysiek en emotioneel opzicht. Aangezien dans een geweldig medium is om je bewust te maken van je fysieke gegevens en hoe daarmee om te gaan, én uiting te geven aan je gevoelens en emoties, vind ik het de verantwoordelijkheid van de balletdocent met dit gegeven/deze uniciteit zeer zorgvuldig om te gaan.

Een correcte lichaamshouding en een adequate ademhaling vormen al een belangrijke basis. Binnen het klassieke ballet is uitdraaien (exorotatie) essentieel om de technische waarden optimaal te maken. Dit uitdraaien gebeurt vanuit het en niet door de voeten 180 graden naar buiten te draaien en door vooroverkanteling van het bekken. Deze wijze van benadering levert slechts fysieke klachten op!! Om de correcte manier van exorotatie tot stand te brengen, is het noodzakelijk lengte vanuit de bekkenbodem te creëren, met andere woorden; de buikspieren dienen mijns inziens te worden 'opgetrokken' naar het middenrif en niet te worden 'ingetrokken' naar de wervelkolom. Bij deze laatste wijze van benadering blokkeert de mobiliteit van het skelet én de ademhaling. Bovendien kun je geen contact meer maken met je 'center' en vindt er zodoende geen doorstroming meer plaats van beweging en energie.